Samen Sterk in Integrale (Brand)Veiligheid

Uw Kennisleverancier in (Brand)Veiligheid

  • Banner

Brandscenario

Bij FSE-oplossingen zijn brandscenario’s de maat voor brandbeveiliging. Een brandscenario geeft inzicht in de ontwikkeling, de omvang en de gevolgen van een brand. Een brandscenario is als volgt gedefinieerd: ‘Een brandscenario is een theoretische beschrijving van een reëel voorstelbare brand aan de hand van een aantal vooraf geselecteerde factoren die de ontwikkeling en het verloop van een brand (en rook) bepalen met als uitkomst de gevolgen van deze brand voor de personen in het gebouw, de inventaris van het gebouw en het gebouw zelf’.

Door de grote hoeveelheid aan factoren die het ontstaan en het verloop van een brand kunnen bepalen, is het mogelijk vele brandscenario’s op te stellen. Alleen de scenario’s met substantiële gevolgen zijn relevant. Aan het omzetten van brandscenario’s in beveiligingsopties kan inhoud worden gegeven door een bepaald brandverloop te koppelen aan de gevolgen van dit verloop. De belangrijkste gevolgen hebben een samenhang met onder meer de:

Het is evident dat de branduitbreiding en de rookverspreiding hiervan deel uitmaken. Bij het omzetten van brandscenario’s in beveiligingsopties gaat het er feitelijk om de bedreigingen van brand met een veilige marge voor te zijn. Hierbij behoort rekening gehouden te worden met het gedrag van mensen, vooral bij ontvluchting.

Brand als onderdeel van scenario

Voor het beveiligen tegen brand is het noodzakelijk uit te gaan van een bepaalde referentiebrand. Bij FSE-oplossingen wordt hiertoe gebruikgemaakt van het concept van de natuurlijke branden (natural fire design) en de zogenoemde brandmodellen. Het gaat bij deze modellen over een realistischer benadering van het brandverloop dan dat het geval is bij het gebruik van de standaardbrandkromme overeenkomstig de vigerende bouwregelgeving

Ontvluchting als onderdeel van scenario

Gedurende een brandsituatie moet voldoende tijd beschikbaar zijn opdat mensen veilig kunnen vluchten. Deze tijd wordt ook wel de ontruimingstijd genoemd. Mensen moeten tijdig een veilige plaats kunnen bereiken. Het gaat er om de beschikbare vluchttijd, ofwel de bedreigtijd (ASET = Available Safe Egress Time), af te zetten tegen de benodigde vluchttijd (RSET = Required Safe Egress Time). Bovendien behoort rekening te worden gehouden met een voldoende veiligheidsmarge. De vluchttijd en de marge behoren korter te zijn dan de tijd die verstrijkt totdat de brand zich ontwikkeld heeft tot een levensbedreigende situatie. Aspecten die bij het vluchten een rol spelen, zijn de snelheid van de brand- en rookontwikkeling versus de snelheid van mensen. Bij het vluchtproces gaat het om een gefaseerde uitvoering van een drietal basisactiviteiten, namelijk:

  1. De bewustwording van gevaar door externe stimuli
  2. De validatie van en reactie op gevaarsignalen (of de besluitvorming)
  3. De verplaatsing naar een veilige plaats.

De activiteiten 1 en 2 samen zijn de besluitvormingstijd. Activiteit 3 is de verplaatsingstijd.

Brandscenario Kennisbank Obex

In het figuur hiernaast  is de tijdlijn voor de ontvluchting gegeven. Deze tijdlijn kan als onderdeel van een scenario worden gebruikt. Met behulp van de tijdlijn is het mogelijk te voorzien in de juiste brandveiligheidsvoorzieningen en -maatregelen die ontvluchting dienen.

De bedreigtijd (ASET) is de periode tussen het ontstaan van brand en het moment dat sprake is van een nog net te overleven omgevingsconditie. Tijdens de bedreigtijd wordt de mogelijkheid van ontvluchting negatief beïnvloed. Om de bedreigtijd te kunnen bepalen, moeten analyses worden uitgevoerd naar factoren die de kans op overleven verlagen. Deze factoren zijn bijvoorbeeld de tijd totdat een rooklaag een bepaalde hoogte bereikt en de tijd totdat de hitte en concentratie schadelijke stoffen die bij brand vrijkomen, zodanig zijn dat personen bezwijken. De vluchttijd (RSET) is de periode tussen het ontstaan van brand en het moment dat een veilige plaats is bereikt. Na de alarmeringstijd wordt de vluchttijd bepaald door de som van de tijd die nodig is voor besluitvorming (herkennings- en reactietijd) en verplaatsing van de personen. De ontvluchting moet plaatsvinden voordat er sprake is vanfatale omgevingscondities.

De bedreigtijd (ASET) is de periode tussen het ontstaan van brand en het moment dat sprake is van een nog net te overleven omgevingsconditie. Tijdens de bedreigtijd wordt de mogelijkheid van ontvluchting negatief beïnvloed. Om de bedreigtijd te kunnen bepalen, moeten analyses worden uitgevoerd naar factoren die de kans op overleven verlagen. Deze factoren zijn bijvoorbeeld de tijd totdat een rooklaag een bepaalde hoogte bereikt en de tijd totdat de hitte en concentratie schadelijke stoffen die bij brand vrijkomen, zodanig zijn dat personen bezwijken. 
De vluchttijd (RSET) is de periode tussen het ontstaan van brand en het moment dat een veilige plaats is bereikt. Na de alarmeringstijd wordt de vluchttijd bepaald door de som van de tijd die nodig is voor besluitvorming (herkennings- en reactietijd) en verplaatsing van de personen. De ontvluchting moet plaatsvinden voordat er sprake is van fatale omgevingscondities.

06-05-2015 Obex b.v. Categorie: Kennisbank
<< Naar overzicht 1 reacties Bookmark and Share

Plaats een reactie

Wordt niet getoond.

JimmiXzSq

5/19/2017 9:19:53 PM

Deze reactie moet nog worden beoordeeld