Samen Sterk in Integrale (Brand)Veiligheid

Uw Kennisleverancier in (Brand)Veiligheid

    Wonen met zorg en de invloed op Brandveiligheid


    Wonen met ZorgWonen met zorg en de invloed op brandveiligheid

    Onder de woonfunctie voor zorg vallen de woonfuncties waarbij aan bewoners de hieronder omschreven professionele zorg wordt aangeboden (in de regel op grond van de Algemene wet bijzondere ziektekosten of de Wet maatschappelijke ondersteuning). Andere vormen van zorgverlening, zoals mantelzorg valt hier niet onder.

    Bij een zorgclusterwoning of een groepszorgwoning gaat het om een groepering van zorgcliënten in specifieke woonvormen met het oog op de professionele zorg die daar kan worden verleend. Er is sprake van een vanuit het zorgaanbod georganiseerde koppeling tussen wonen en zorg. De zorgaanbieder neemt daarbij ook de verantwoordelijkheid voor de brandveiligheid van de cliënt over.

    Het Bouwbesluit geeft voorschriften voor brandveiligheid indien de zorgbehoefte gecentreerd is. Er zijn twee vormen namelijk de zorgclusterwoning en de groepszorgwoning

    Zorgclusterwoning

    Er is sprake van een zorgclusterwoning indien die woning: 

    • bestemd is voor zelfstandige bewoning (dus geen groepszorgwoning),
    • bestemd is voor het aanbieden van zorg aan ten minste een zorgcliënt, al dan niet met een partner of gezin, en
    • in de directe nabijheid van ten minste vier andere woningen met een soortgelijk zorgaanbod is gelegen.

    Een bekend voorbeeld van een zorgclusterwoning is een zogenoemde aanleunwoning. De veronderstelling is dat in een zorgclusterwoning niet op melding en hulp van de eveneens zorgbehoevende buren kan worden gerekend. Dit kan bijvoorbeeld ook het geval zijn bij een straat, een galerij of een portiek met mensen met een verstandelijke handicap.

     

    Wanneer dergelijke woningen grondgebonden zijn, worden zij slechts als zorgclusterwoning aangemerkt wanneer zij aan elkaar geclusterd zijn (aan elkaar grenzen; zoals rijtjeswoningen). In een woongebouw, worden zij als zorgclusterwoning aangemerkt wanneer de toegangen van de zorgwoningen grenzen aan dezelfde gemeenschappelijke verkeersruimte (galerij of portiek). Deze flatwoningen behoeven dus niet aan elkaar te grenzen. 

    Groepszorgwoning

    Er is sprake van een groepszorgwoning indien die woning: 

    • bestemd is voor bewoning in groepsverband, en
    • bestemd is voor het aanbieden van zorg aan ten minste vijf zorgcliënten die samen één huishouding voeren.

    Het kan hier bijvoorbeeld gaan om groepswonen van verstandelijk gehandicapten of van dementerenden. In tegenstelling tot het groepswonen door een gewone woongroep, waar de groep als totaliteit de zorg voor de brandveiligheid kan delen zoals bij kamergewijze verhuur is dit niet het geval bij een groepszorgwoning. 

    Voor brandveiligheidsvoorschriften worden in het Bouwbesluit alleen in bijlage 1 een onderscheid gemaakt in de mate van zorg. Het soort woonfunctie voor zorg is bepalend of bij een woonfunctie voor zorg een brandmeldinstallatie aanwezig moet zijn en aan welke omvang van de bewaking deze moet voldoen. Deze wordt bepaald door de woonvorm (zorgcluster- of groepszorgwoning of andere woonfunctie voor zorg), de locatie van de woning (grondgebonden of in woongebouw), de zorgbehoefte en het daarbij behorende risicoprofiel. De zorgbehoefte is in drie categorieën onderverdeeld oplopend in zwaarte van de zorgbehoefte:

    Zorg op afspraak:

    De zorgverlener komt slechts op afspraak langs (bijvoorbeeld thuiszorg). Verder kan de bewoner zich nog zelfstandig of met behulp van mantelzorg redden. In de woning zijn daarom geen voorzieningen zoals een spreek/luister-verbinding met een zorgcentrale of een zusterpost aanwezig. Wel kan een persoonlijk alarmeringssysteem aanwezig zijn. Het doel van het systeem is niet om dagelijks de zorgverlener op te roepen, maar meer voor het geven van een gevoel van veiligheid. Veel ouderen wonen alleen waardoor het sociaal gezien meer rust geeft. Het systeem is dan bedoeld voor het doen van een oproep in het geval van nood, bijvoorbeeld als men van de trap is gevallen of gevoel van onraad heeft Deze woonvorm onderscheidt zich slechts in beperkte mate van niet voor zorg bestemde woonfuncties.

    Zorg op afroep:

    De zorgverlener wordt op door de cliënt te bepalen momenten opgeroepen voor hulp bij dagelijkse zaken zoals toiletbezoek of aankleden. Hierbij zijn in de woning specifieke voorzieningen aanwezig ter ondersteuning van die zorgverlening, bijvoorbeeld een professioneel intercomsysteem voor het doen van oproepen in geval van een zorgvraag. Dit systeem is meer uitgebreid dan een persoonlijk alarmeringssysteem. De oproep wordt gecoördineerd door een zorgcentrale. 

    Een zorgcentrale is een al dan niet in de nabijheid van de woning gelegen coördinatiepunt dat door een spreek/luisterverbinding met deze en andere soortgelijke woningen is verbonden. 

    De zorg wordt vervolgens verleend vanuit een nabij de woning gelegen steunpunt. 

    24-uurs zorg:

    Aan de woning is een zorgaanbod van 24 uur per dag verbonden, middels in de woning personeel of een zusterpost aanwezig is. Overdag is per woning permanent een hulpverlener aanwezig en ‘s nachts is er een hulpverlener in een zusterpost binnen een cluster van woningen of in de directie nabijheid daarvan, zodat de hulpverlener binnen enkele minuten na een alarmsignaal aanwezig kan zijn. Een zusterpost is een in de directe nabijheid van de woning gelegen post, die 24 uur per dag bereikbaar is, en van waaruit 24 uur per dag directe hulp aan de bewoner kan worden verleend. 

    Of er sprake is van een zorgclusterwoning of een groepszorgwoning, en welke variëteit daarvan wordt in principe bepaald door degene die de woonfunctie exploiteert of gaat exploiteren. 


    Dit betekent nadrukkelijk niet dat de exploitant zijn eigen brandveiligheidsniveau mag bepalen. Is gekozen voor een bepaalde woonvorm, dan zal de woning aan de hand van die keuze moeten worden getoetst aan het Bouwbesluit. Bij een verandering van het zorgaanbod, die verzwaring van de brandveiligheidseisen tot gevolg zou hebben, is de exploitant verantwoordelijk voor het aanpassen aan deze nieuwe situatie. Maatgevend hierin is het zorgaanbod waar de exploitant zich op richt en niet de verzwaring van de zorgbehoefte van een bewoner. Wanneer het daadwerkelijk zorgaanbod zwaarder is dan het eerder door de exploitant aangegeven zorgaanbod, dan kan de exploitant die niet aan de op het zwaardere zorgaanbod afgestemde brandveiligheidseisen voldoet, zo nodig bestuurs- en/of strafrechtelijk worden vervolgd.

    Wilt u meer weten over dit interessante onderwerp dan verwijs ik u graag naar onze Kennisdag Brandveiligheid op 19 juni waarin o.a. dit onderwerp aanbod komt Daarnaast kunt u bij vragen altijd contact met ons opnemen: 088 0088383, roos@obex.nl.

    Wij hebben ook een filmpje over dit onderwerp.

    07-05-2013 Gert-Jan Eijkemans Categorie: Wonen met zorg
    << Naar overzicht 0 reacties Bookmark and Share

    Plaats een reactie

    Wordt niet getoond.